ARIËR : pseudowetenschappelijke en racistische term uit de 19e eeuw (cfr.F.Nietzsche*) , die de nazi´s gebruikten om hun superieure etnische afkomst als Ariërs tov. ander volkeren (niet-Ariërs) , zoals joden , zigeuners (Roma en Sinti) en Slaven te bewijzen . De Arische rassenleer van de nazi’s was hier een gevolg van , waarbij de Duitsers aanzien werden als Übermenschen en de Slavische volkeren als Untermenschen . Het woord Arisch komt van het sanskriet : arya en betekent “edel” . In de Veda’s (de oudste hindoegeschriften) werden de ariërs beschreven als een ras van lichtgekleurde (blanke) mensen uit Centraal-Azië , dat de donker gekleurde mensen uit het Indische subcontinent overwon en overheerste . Gekoppeld aan de mythe van bovennatuurlijke Noordse wezens werd later het linguïstiek bewijs geleverd dat de Ariërs als Indo-Germanen naar Noord-Europa migreerden . Hier ontwikkelden ze zich tot een “chemisch” puur volk (met onvermengd of bezoedeld bloed) , dat begrensd , door de oceaan (de Baltische Zee en de Noordelijke Oceaan) de Rijn en de Donau , niet werd binnengedrongen of veroverd door andere volkeren . Het Arische ras was volgens de nazi’s , een oervolk met superieure kwaliteiten waarvan alle Europeanen afstamden . Het Duitse Herrenvolk , de Übermenschen , hadden dan ook als taak alle Europeanen aan zich te binden en te onderwerpen.
NB : om in Duitsland , en later ook in de door Duitsland bezette gebieden een voorname functie te bekleden , werd men dikwijls verplicht een “Ariërverklaring” te ondertekenen . Dit hield in dat men bevestigde van niet-joodse afstamming te zijn.

Arische idealen en de Untermensch als tegenpool.