ANDLER : klein dorpje in de provincie Luik, deel uitmakend van St.Vith en in het uiterste Oosten van ons land gelegen. Tijdens de eerste dagen van het Ardennenoffensief in december 1944 maakte Andler deel uit van de noordelijke route van de Duitse 18e VGD van generaal-majoor Hoffmann-Schönborn , als onderdeel van de omsingeling van twee Amerikaanse regimenten van de 106e US infanteriedivisie (van generaal-majoor Alan Jones) in de Schnee Eifel. Oorspronkelijk werd het dorp verdedigd door zwakke elementen van deze divisie, later kregen ze hulp van het 32e cavalerie squadron verkenningseenheid troop B (dit was een onderdeel van de 14e US Cav.Group olv. colonel Devine). In het café, Gasthaus Kessler werd een hulppost ingericht door de medische dienst van de 106e US infanteriedivisie. Generaal Middleton van het VIIIe US Korps gaf op 16 december 1944 om 22u30 zijn in de Schnee Eifel gelegerde troepen het bevel zich achter de rivier de Our terug te trekken, maar door een slechte en verwarde communicatie werd dit door gen.Jones verkeerd begrepen. Hij had verstaan dat de GI’s van zijn 106e divisie niet mochten wijken en kost wat kost moesten standhouden. De onervaren en dunbevolkte Amerikaanse verdedigers werden in korte tijd op 17 december 1944 uit het dorp verjaagd en de Volksgrenadiers zetten hun weg verder naar Schönberg. Tegen de avond van 17 december 1944 waren twee regimenten (422 e en 423e , van dit laatste regiment maakte de zoon van bevelhebber Jones deel uit als stafofficier) van de 106e divisie in de Schnee Eifel omsingeld. Twee dagen later gaven ± 7.000 Gi’s zich om 16u aan de vijand over (een 500tal olv. majoor Ouellette hielden het in de bossen 2 dagen langer uit). Dit was meteen de grootste Amerikaanse overgave van troepen op het front in Europa gedurende WO II. Onnodig te zeggen dat de Duitse propaganda hiervan gebruik maakte en de Amerikaanse krijgsgevangenen overvloedig in beeld bracht. Vooral de zwarte soldaten werden uitgebreid gespot om de “minderwaardigheid” van de Amerikaanse soldaat te benadrukken. In het dorp werden de soldaten ondervraagd in de balzaal (eveneens eigendom van Herr Kessler) rechtover het Gasthaus Kessler en de officieren in het Haus Peterges. Ondertussen zorgde het doortrekkende verkeer van de Duitse Wehrmacht voor een enorme verkeersopstopping in de smalle straten van Andler .

Deze bekende beelden van Amerikaanse krijgsgevangenen ,uit het Duitse propagandajournaal, werden gemaakt in en rond Andler . Speciale aandacht (en close-ups) gingen uit naar de Afro-soldaten, zoals hier, de na de oorlog geïdentificeerde Georges Shomo(1921-2014).
NB : G Shomo maakte deel uit van het 333rd. US Field Artillery Battalion, waarvan tijdens de Ardennenoffensief, 11 zwarte soldaten door de nazi’s te Wereth* vermoord werden.

Een ander gekend beeld is de Duitse tank met een beertje op de kanonloop, dit werd vastgelegd tijdens de opstopping van Duitse voertuigen in de straten van Andler.
NB : enkele dagen later in december 1944 hield L.Degrelle halt voor het huis Peterges ,op zoek naar benzine . Hij wilde, met de wagen , zijn troepen voor zijn , bij “ hun triomfantelijke herinname van de Ardennen” . Dit kleine oponthoud redde onbewust zijn leven want kort voor hij verder reed richting St.Vith werd deze stad door de geallieerden gebombardeerd.

Het huis Peterges.