ABETZ,Otto (1903-1958): leraar kunstgeschiedenis, die in 1931 toetrad tot de NSDAP. Als Frankrijk-deskundige en francofiele Duitser kwam hij in 1934 terecht bij het Duits ministerie van Buitenlandse Zaken van J.Von Ribbentrop. Hij was in de jaren ‘30 een grote voorstander van de vriendschapsbanden tussen Frankrijk en Duitsland en in 1932 huwde hij met een Française uit Lille. In de winter van 1938-39 had Abetz een ontmoeting met H.De Man*, die als geheime diplomaat van koning Leopold III, naar Duitsland was gezonden in een poging België buiten de oorlog te houden. In werkelijkheid had de vorst een gesprek van De Man met de Führer verwacht, maar De Man werd “slechts” ontvangen door een Duitse diplomaat. In juni 1939 werd Abetz op verdenking van spionage, uit Frankrijk gezet en keerde na de bezetting, in juli 1940 terug. Hij werd op 3 augustus 1940 benoemd als Duits ambassadeur in Parijs (in bezet Frankrijk). Hij ontpopte zich als een spilfiguur in de Frans-Duitse collaboratie (vooral op cultureel gebied) en de jodenvervolging . Hij organiseerde samen met P.Laval* de ontmoeting tussen P.Pétain* en Hitler in Montoire* (op 24 oktober 1940). In het begin van de oorlog had hij een groot aanzien in Berlijn, in januari 1942 werd hij nog bevorderd tot Brigadeführer van de SS , maar daarna begon zijn ster te tanen. In oktober 1945 werd hij in een sanatorium (waar hij ondergedoken was) gearresteerd door de geallieerden en op 10 juli 1949 te Parijs veroordeeld tot 20 jaar hechtenis. Hij werd schuldig bevonden aan de beroving en deportatie van tienduizenden Franse joden, en het verscherpen van de repressie tegen het verzet, maar in 1954 kwam hij vrij. Samen met zijn vrouw kwam hij om in een verkeersongeluk op de snelweg Keulen-Düsseldorf in 1958 (hij was toen journalist voor het weekblad Fortschritt).
NB 1 : in België bezocht Abetz vóór de oorlog, sinds 1935,regelmatig het Salon Didier van het echtpaar E.Didier-Bauwens* in Brussel, waar hij het nazisme propageerde.
NB 2 : door zijn persoonlijke tussenkomst werd L.Degrelle in de zomer van 1940 uit Franse gevangenschap vrijgelaten en naar België gerepatrieerd. Abetz bracht in de zomer ,op 10 augustus 1940, in het Hôtel Beauharnais te Parijs, Degrelle in contact met Hendrik De Man en in 1943 introduceerde hij Degrelle bij Hitler.
NB 3 : de vrouw van L.Degrelle (Marie-Paule Lemay*) en de echtgenote van Otto Abetz, Suzanne de Bruycker(1899-1958), waren vriendinnen. Vóór de oorlog hadden ze samen een deel van hun studies volbracht bij de Sœurs du Sacré-Cœur, en zo werden O.Abetz en L.Degrelle eveneens bevriend.

O.Abetz ,op het laatste beeld : met Pétain en Laval.