ANTITANKGRACHT : op verschillende plaatsen in ons land werden vóór de oorlog diepe grachten gegraven (al dan niet gevuld met water) om vijandelijke tanks tegen te houden. Op het einde van de Achttiendaagse Veldtocht in mei 1940 bleken ze nutteloos te zijn geweest. De meest gekende gracht in België is deze rond Antwerpen ( Brasschaat*) die in de noord-oostelijke omgeving van de stad werd gegraven tussen 1937-39. Hij was bedoeld als een obstakel en aanvulling van de buitenste fortengordel van de stelling Antwerpen, die dateerde van voor WO I. De oorspronkelijke antitankgracht van Antwerpen had een totale lengte van 33km. (tussen de Schelde en het Albertkanaal), had een diepte van 3m. en was 6 meter breed. Hij werd gegraven in een zigzag patroon en was aan de oevers voorzien van talrijke communicatiebunkers, geschutsbunkers en sasbunkers (= stuwsluizen om het grachtwater op peil te houden). Door gebruik te maken van duikers kon men beken onder de antitankgracht afleiden en dit gaf de mogelijkheid, om het gebied ten oosten van de gracht onder water te zetten. Ook de Duitsers legden tijdens de bezetting in de winter van 1943-44, tussen oude Brialmontforten antitankgrachten aan. Men kan er nog restanten van zien in Wilrijk* (ten westen van de kruising van de Doornstraat met de Voorjaarstraat). Ze hadden een diepte van 3m. en waren 8 à 12m. breed.